De vrouw die zich niet gedroeg – 3

De vrouw die zich niet gedroeg – 3

Dit is deel drie van de geschiedenis van de 18e eeuwse Tietje Jouckes uit het Groningse Borgercompagnie, die sporen naliet in de archieven dankzij het feit, dat ze zich niet gedroeg. Aan het einde van deel twee verbiedt dominee Klugkist Tietje op het allerlaatste moment te trouwen met Syben Hindricks, van wie zij op dat moment zwanger is. Klugkist vindt haar een ‘slegte vrouw’. Het request dat Tietje daarop indient bij het stadsbestuur van Groningen, heeft een totaal averechts effect. Dit verzoek zorgt ervoor dat het bestuur zich herinnert dat zij op een afstand van slechts twintig kilometer van de stad al jarenlang haar verbanning uit de gehele provincie aan haar laars lapt. 

Drost Schaffer schrijft in november aan het bestuur, ‘dat ik Tietje Joukes heb laten apprehenderen en in ’t Tugthuis gebannen.’ Daar vinden we haar terug in het register: ‘Tietje Jukens, out 32 jaaren, geboortig in de Borger Compagnie onder Veendam, is door de heer drost Schaffer gecondemneert geworden in het jaar 1719 gegeeselt, en voor de tijt van twaalf jaaren in het provintiale werkhuis gebannen. Groningen den 2 november 1728.’

Met die sententie van twaalf jaar in haar achterzak, zal ze officieel pas in 1740 vrijkomen. Maar, zoals we eerder constateerden, is Tietje niet het type dat zich overal bij neerlegt. Op 8 augustus 1736 breekt ze uit. Al bladerend door het register van het tuchthuis wordt duidelijk, dat ze daarbij niet alleen handelt. Ze doet het samen met Trijntje Jans, die eerder gestraft is wegens een complot om gevangenen uit het tuchthuis te brengen. Iemand met ervaring dus. Ook Margien Geers, Christijne Jacobs, Marie Jans en Marie Alijt participeren in dezelfde uitbraak.

In het tuchthuis in de Groningse Zoutstraat werden vrouwen aan het werk gezet als spinsters en weefsters. Terwijl ze samen sponnen, of met een groep een ketting op het getouw boomden, hebben deze zes vrouwen misschien zacht over het meest geschikte moment voor hun ontsnapping overlegd, en een plan bedacht.

De uitbraak is succesvol. Drie jaar later blijkt Tietje namelijk nog steeds op vrije voeten. Ze woont opnieuw in dezelfde streek, vermoedelijk in Borgercompagnie of in Veendam. Terwijl ze officieel nog in detentie hoort te zitten in Groningen, trouwt ze op 6 september 1739 in alle openheid voor de kerk in Veendam met haar nieuwe liefde, ene Jacob Jans, afkomstig uit het naast gelegen Tripscompagnie.

Het feit, dat Tietje lange perioden buiten het zicht van de rechterlijke macht kon blijven terwijl ze verbannen was, kan erop wijzen dat ze steun kreeg uit haar omgeving. Verschillende familieleden kerkten ook in Veendam, en boden haar misschien bescherming. Het lijkt erop dat ze in Borgercompagnie en Veendam redelijk veilig was voor vervolging. In elk geval vond niemand het nodig om haar aan te geven.

Vlak voor Tietjes veroordeling in 1728 klaagde drost Schaffer ook al over het feit dat de Veendamse dominee Tideman haar huwelijksplannen met Syben Hindricks -die uiteindelijk dus geen doorgang vonden- reeds had afgekondigd, terwijl hij wist van haar ‘slegte leven’. Schaffer vond eveneens, dat de kerkenraad in Veendam hem had moeten inlichten over het feit dat zij al die tijd ‘stoutelijk’ rondliep. Maar iedereen hield zijn mond.

In het jaar 1739 lijkt ze nog steeds diezelfde bescherming te genieten. Uit het kerkeboek van Veendam blijkt, dat Tideman niet in alle opzichten veel verschilt van zijn collega’s. Zo berispt hij net zoals andere dominees uit zijn tijd de kerkgangers, die ongehuwd seks hebben gehad, en dwingt ze tot het tonen van berouw. Maar hoewel Meinardus Tideman van Tietjes slechte reputatie moet hebben geweten, en wellicht ook van haar ontsnapping uit het tuchthuis, is hij minder rechtlijnig dan zijn collega Klugkist. Hij acht deze zaken in elk geval geen beletsel om haar te trouwen.

In juli van het daaropvolgende jaar bevalt Tietje -die inmiddels 41 is- van haar vijfde kind: Antje. Haar leven lijkt een redelijk stabiele ontknoping te krijgen. Dit is het laatste moment dat we iets van vernemen. Omdat niemand zich meer over haar lijkt te beklagen, verdwijnt ze daarna net zoals alle andere gewone 18e eeuwers weer geruisloos in de anonimiteit.

Terug naar deel 2

Afbeelding bovenaan: uitsnede uit c

Bronvermelding:

Doop-, trouw- en begraafboek 1637-1811, archiefnummer 124, Doop-, trouw- en begraafboeken enz. in de provincie Groningen, inventarisnummer 400, Groninger Archieven

IX0124-585 Doopregister Hervormde Gemeente Zuidbroek en Muntendam (Toegangnr 124 inv.nr. 585) , 1701 – 1799, Groninger Archieven

1605 Stadsbestuur van Groningen (2), 1594 – 1815, toegang 2661719, volgnr. 10, Groninger Archieven

1605 Stadsbestuur van Groningen (2), 1594 – 1815, toegang 497 1709 jan 12 – 1719 aug 25, volgnr. 460, Groninger Archieven

1605 Stadsbestuur van Groningen (2), 1594 – 1815, toegang 589 1718 nov 12 – 1720 aug 15,  volgnr. 236, Groninger Archieven

1605 Stadsbestuur van Groningen (2), 1594 – 1815, toegang 266 1719, volgnr. 18, Groninger Archieven

1605 Stadsbestuur van Groningen (2), 1594 – 1815,  toegang 498 1719 sep 16 – 1734 mrt 2, volgnr. 361, Groninger Archieven

1605 Stadsbestuur van Groningen (2), 1594 – 1815, toegang 444 1711 jul 15 – 1730 jun 25, volgnr. 458, Groninger Archieven

1605 Stadsbestuur van Groningen (2), 1594 – 1815, toegang 594 1728 mrt 12 – 1730 aug 17, volgnr. 244, Groninger Archieven

1605 Stadsbestuur van Groningen (2), 1594 – 1815, toegang 498 1719 sep 16 – 1734 mrt 2, volgnr. 361, Groninger Archieven

1605 Stadsbestuur van Groningen (2), 1594 – 1815, toegang 444 1711 jul 15 – 1730 jun 25, volgnr. 464, Groninger Archieven

2007   Cipier van het Tuchthuis te Groningen, (1666) 1670 – 1825, 7 Register van gedetineerden, 1718-1797

Doop- en trouwboek 1732-1799, archiefnummer 124, Doop-, trouw- en begraafboeken enz. in de provincie Groningen, inventarisnummer 476, blad 133, Groninger Archieven

Doop- en trouwboek 1732-1799, archiefnummer 124, Doop-, trouw- en begraafboeken enz. in de provincie Groningen, inventarisnummer 476, Groninger Archieven

Lees ook:

2 gedachten over “De vrouw die zich niet gedroeg – 3

    1. Dank je wel voor je reactie Christa! Ik vind het zo interessant dat Tietje ondanks haar veroordelingen en ondanks dat ze is verbannen, in staat is om haar leven steeds weer op te pakken en om zichzelf zo min mogelijk aan te trekken van de autoriteiten in Zuidbroek en de stad Groningen.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Translate »