Archief van
Categorie: 18e eeuw

De vrouw die zich niet gedroeg – 1

De vrouw die zich niet gedroeg – 1

Onderstaand verhaal bevat de voorlopige neerslag van het onderzoek naar de 18e eeuwse Tietje Jouckes uit het Groningse Borgercompagnie, die sporen naliet in de archieven dankzij het feit, dat ze zich niet gedroeg. Als Tietje –afgeleid van Titia- opduikt in de archieven, is ze een jaar of dertig en wordt ze in het Groningse Zuidbroek van 1728 gegeseld en opgesloten ‘wegens haar quaad leven, wandel en gedrag begane hoereriën, en andere quate gedane feiten’. Die tekst liegt er niet om….

Lees Meer Lees Meer

De vrouw die zich niet gedroeg – 2

De vrouw die zich niet gedroeg – 2

Dit is deel twee van de geschiedenis van de 18e eeuwse Tietje Jouckes uit het Groningse Borgercompagnie, die sporen naliet in de archieven dankzij het feit, dat ze zich niet gedroeg. Aan het einde van het eerste deel was er sprake van een levendige briefwisseling van de autoriteiten over de voogdij over haar oudste kind. Hierop besloot het stadsbestuur om Tietje op te pakken en haar alsnog te bestraffen voor het te vondeling leggen van haar eerstgeborene.  Het gesteggel met…

Lees Meer Lees Meer

De vrouw die zich niet gedroeg – 3

De vrouw die zich niet gedroeg – 3

Dit is deel drie van de geschiedenis van de 18e eeuwse Tietje Jouckes uit het Groningse Borgercompagnie, die sporen naliet in de archieven dankzij het feit, dat ze zich niet gedroeg. Aan het einde van deel twee verbiedt dominee Klugkist Tietje op het allerlaatste moment te trouwen met Syben Hindricks, van wie zij op dat moment zwanger is. Klugkist vindt haar een ‘slegte vrouw’. Het request dat Tietje daarop indient bij het stadsbestuur van Groningen, heeft een totaal averechts effect….

Lees Meer Lees Meer

De gebreckelijke tentbewoner – 1

De gebreckelijke tentbewoner – 1

Net buiten de Herepoort van de stad Groningen pacht Jan Harms een lap grond van het Heilige Geestgasthuis. In november van het jaar 1727 richt hij voor de eerste maal een verzoek tot de Borgemeesteren ende Raadt. Misschien staat er op dat moment boerenkool op zijn land. Of wellicht heeft hij net winteruien geplant. Harms verzoek draait om ene meneer Hansen, die zich ongevraagd heeft gevestigd in een tent in de nabijheid van zijn tuin. Deze Jacob Hansen verblijft daar…

Lees Meer Lees Meer

De gebreckelijke tentbewoner – 2

De gebreckelijke tentbewoner – 2

Stadsdeurwaarder Olthoff in het vorige deel van deze historie is niet de enige die last heeft van de soldaten bij de Nieuwe werken. Ook koopman Hero Hesseling, die ’s ochtends ‘was komen wandelen op het beslagen pad, aan deze zijde de Nieuwe werken’, wordt lastig gevallen door soldaten, die hem geld afhandig proberen te maken, hoewel hij en zijn gezelschap de fortificatie zelf expres hadden vermeden en alleen op de paden onderlangs had gewandeld. In de in 1727 opgestelde boedelbeschrijving…

Lees Meer Lees Meer

Draaideurcriminelen op drift – 2

Draaideurcriminelen op drift – 2

Dit is deel 2 van de geschiedenis van het echtpaar Christiaan Biks en Catharina van der Horst, dat al stelend door verschillende plaatsen in Nederland trekt. Als Christiaan op dievenpad gaat, steekt hij steevast het Lopende Diep over, meestal via de Boteringebrug of de Ebbinge. Het water vormt een begrenzing tussen zijn woongebied en zijn jachtterrein. Hij steelt nooit direct in zijn eigen buurt, maar altijd aan de overkant, in een beperkt gebied vanaf ongeveer de Leliestraat tot aan de…

Lees Meer Lees Meer

Draaideurcriminelen op drift – 1

Draaideurcriminelen op drift – 1

‘Christiaan Biks heeft het uit groote armoede gedaan, versoeck genade.’ Zo begint het verslag van het bijna driehonderd jaar geleden afgenomen verhoor in het Stadts Geweldigen Huis- de gevangenis- in de stad Groningen. Het is augustus 1726 als hij en zijn partner Catharina van der Horst worden opgepakt, Christiaan wegens diefstal, Catharina –Trijntie voor intimi- vanwege heling. Dat was niet de eerste keer, en het zou ook niet de laatste zijn. Als het paar toevallig opduikt in de Groninger Archieven…

Lees Meer Lees Meer

De ontvoering van het weeskind Leentje

De ontvoering van het weeskind Leentje

Het echtpaar Wyrt Vijlder en Elsjen Peters is sinds hun verbanning uit de stad Groningen in 1739 zowel economisch als sociaal volledig aan de grond geraakt. Al twee keer verzochten zij de Borgemeesteren en Raadt om hen weer toe te laten tot de stad. In het jaar 1747 zwerven ze samen met hun kinderen al acht jaar lang ‘buitenslands’ rond. Wyrt leek voorheen een aardig bestaan te leiden als kleermakersbaas in de Nieuwe Boteringestraat. Hoe konden ze zo diep zinken?…

Lees Meer Lees Meer

Translate »