Draaideurcriminelen op drift – 2
Dit is deel 2 van de geschiedenis van het echtpaar Christiaan Biks en Catharina van der Horst, dat al stelend door verschillende plaatsen in Nederland trekt.
Als Christiaan op dievenpad gaat, steekt hij steevast het Lopende Diep over, meestal via de Boteringebrug of de Ebbinge. Het water vormt een begrenzing tussen zijn woongebied en zijn jachtterrein. Hij steelt nooit direct in zijn eigen buurt, maar altijd aan de overkant, in een beperkt gebied vanaf ongeveer de Leliestraat tot aan de Bloemstraat.
Verder steelt hij alleen van plekken waar de kans op een directe confrontatie klein is, zoals tuinen, tuinhuisjes en bleken (velden waar de was in de zon wordt gebleekt). Zijn gemiddelde buit doet -als we kijken met onze 21ste eeuwse ogen- bescheiden aan. Zo steelt hij een pannenkoekspan, glazen, messen, koffie- en theekopjes, borden, verscheidene tinnen en koperen theeketels en een tabaksdoos. Ook ontvreemdt hij textiel: hemden, lakens, gordijnen, kousen, servetten, tafelkleden en een halsdoek.

Daarna is het aan Catharina om de gestolen waar te gelde te maken. Ook zij doet dit aan de overkant van het water, op veilige afstand van hun woonhuis. Van één groen ‘taafelspriet’ –een tafellaken- bekent ze, dat die ‘tot de kinder kleder geemployeert is’. Met andere woorden: ze maakte er kleding van voor haar drie dochters. Misschien speelden er dus ooit drie kinderen op de hoek van de Pausgang met de Hardewikerstraat –hun laatst bekende adres- gekleed in groene jakjes en rokken, door hun moeder met zorg in elkaar gezet van een oud tafelkleed.
Het is september 1726 als het gezin gedwongen wordt om de stad te verlaten, nadat Christiaan en Catharina wegens diefstal en heling met een strop om de hals aan de kaak zijn gesteld en daarnaast gebrandmerkt. Hoewel dit in onze ogen een volstrekt disproportionele straf lijkt voor de diefstal van wat theeketels en ander huisraad, meldt het vonnis juist dat het paar ‘gratie voor rigeur’ kreeg. Waarschijnlijk werd de doodstraf –die in dit geval passend werd geacht- afgezwakt wegens verzachtende omstandigheden. Die omstandigheden hadden misschien te maken met hun overduidelijke armoede, en misschien ook met het feit, dat Catharina twee dagen voor de arrestatie van Christiaan was bevallen van hun vierde kind.
Na een verblijf van zo’n anderhalf jaar in Zwolle, arriveert het koppel met hun kinderen rond november 1728 helemaal in Leiden. Hier wordt Christiaan in de nacht van 16 februari 1730 op heterdaad betrapt, als hij met een grauwe zak vol gestolen waar over zijn schouder terugkeert na het openbreken van enige tuinhuisjes. Dan is er geen sprake meer van gratie. Hij eindigt op het schavot, waar hij volgens de macabere woorden van het vonnis ‘tussen hemel en aarde wordt gehangen’.
Of Catharina eveneens opgepakt en ondervraagd werd, is onbekend. Dat hun vijf kinderen –ondanks de gevaren die hun soms dagenlange reizen moeten hebben opgeleverd, ondanks armoede en hoge kindersterfte- het allemaal overleefden, is een wonder en een prestatie op zichzelf. Alle vijf –inclusief de in Leiden geboren Barbara (1729)- komen ze levend en wel voor in de boeken van het Leidse weeshuis: ’Den inboedel van Cristiaen Biks, 1 kind in ‘t weeshuys, 4 kinderen in ’t armkinderhuis’.
Afbeelding: Boteringeboog gezien naar het westen: rechts de Ossenmarkt. Waarschijnlijk 1754. Pentekening (schets) door C. Pronk, Groninger Archieven
Bronvermelding
1534 Volle Gerecht van de stad Groningen 1475 – 1811, 1649 Christiaan Biks van Hessen-Kassel en zijn vrouw Catharina van der Beek van Kampen wegens diefstal van textiel, 1726, Groninger Archieven
00016-310 Doop-, trouw-, en begraafboeken (retroacta burgerlijke stand) Kampen, 19681 Doopinschrijving Aaltjen Bijkx, 1716-08-28, Stadsarchief Kampen
Algemeen doopboek 1706-1732, archiefnummer 124, Doop-, trouw- en begraafboeken enz. in de provincie Groningen, inventarisnummer 149, kerkelijke gemeente Groningen, Groninger Archieven
Algemeen doopboek 1706-1732, archiefnummer 124, Doop-, trouw- en begraafboeken enz. in de provincie Groningen, inventarisnummer 149, kerkelijke gemeente Groningen, Groninger Archieven
Algemeen doopboek 1706-1732, archiefnummer 124, Doop-, trouw- en begraafboeken enz. in de provincie Groningen, inventarisnummer 149, kerkelijke gemeente Groningen, Groninger Archieven
Doopboek van de Hooglandse Kerk (NH) te Leiden, 3 maart 1726 – 28 april 1733., archiefnummer 1004, Doop-, trouw-, begraaf- en geboorteboeken Leiden (DTB Leiden), inventarisnummer 249, Erfgoed Leiden
1605 Stadsbestuur van Groningen (2), 1594 – 1815, 444 1711 jul 15 – 1730 jun 25, volgnr. 537, Groninger Archieven
Crimineel klachtenboek, 38. 1728 jan.-1730 nov., archiefnummer 0508, Schepenbank (Oud Rechterlijk Archief) van Leiden, inventarisnummer 3+38, blad 43 vso, Erfgoed Leiden
0519 Inventaris van het archief van het Heilige Geest- of Arme Wees- en Kinderhuis, 4137 Blaffert van het Houwhuis, bronnen van inkomsten van het Armkinderhuis in Leiden, laatste bladzijde, Erfgoed Leiden