De noodlottige dood van Harmen Joosten – 3

De noodlottige dood van Harmen Joosten – 3

Dit is deel drie van het relaas over de landman Harmen Joosten, die in juli 1672 sterft door een verdwaalde 24 ponds kogel in de Ebbingestraat tijdens het beleg van de stad Groningen. Het vorige deel eindigde met een citaat van Eillert Meeter: ‘Een kogel, die tot in de Nieuwe Ebbingestraat vloog, nam een landman uit Winsum bijna het geheele hoofd weg: dezelfde kogel trof vervolgens eene pottebakkers vrouw, Marretje Geerts genaamd, en nam haar het kind uit den arm weg, die gedeeltelijk verbrijzeld werd.

Het is opvallend, dat het in dit verslag expliciet om een landman –een boer dus- uit Winsum gaat. In de stad vielen bovendien in totaal maar weinig slachtoffers. Dat maakt de kans dat het hier om Joosten gaat, nog wat groter. Helemaal zeker kunnen we uiteraard niet zijn. In het fragment is ook sprake van halve kartouwen, waarmee tot in de Ebbingestraat werd geschoten.

Halve kartouwen waren kanonnen, gemaakt van gietijzer of brons. Deze vorm van artillerie werd in de 16e en 17e eeuw gebruikt bij belegeringen en op veldtochten. Om de bevoorrading van munitie te vereenvoudigen, standaardiseerde de Republiek in het begin van de 17e eeuw vier kalibers, te weten: 6- 12- 24- en 48-ponds kogels. Wellicht herinner je je de 24-ponds kogel nog, die dominee Ducher aan het begin van dit stuk in zijn kerkenboek optekende als het type kogel dat Harmen Joosten dodelijk trof. Laat dat nu precies het type kogel zijn, dat door zo’n halve kartouw wordt afgevuurd. Dus ook dat gedeelte van het verhaal klopt.

Om een idee te geven van de grootte: een 24-ponds kogel heeft een doorsnede van ongeveer 15 centimeter. Een flink formaat dus, dat je ook met twee handen niet kunt omvatten. Je moet er niet aan denken, wat er gebeurt als een dergelijk ijzeren projectiel je met kracht raakt, zoals helaas Joosten overkwam.

Ook in andere verslagen wordt melding gemaakt van een soortgelijk verloop van dezelfde woensdag de 27ste juli, waarbij de vijand tussen de Oosterweg en het Schuitendiep de stad beschiet met 5 ‘stucken’ of kanonnen. Als er vanaf deze positie helemaal naar de Nieuwe Ebbingestraat is geschoten, dan heeft de kogel maar liefst zo’n anderhalve kilometer afgelegd. Dat is niet onrealistisch, want een kogel afgevuurd door een halve kartouw kon een afstand van zo’n 5000 passen overbruggen. Als je een halve meter per pas rekent, dan kom je uit op een maximaal bereik van 2,5 kilometer.

Afbeelding: ijzeren kanonskogel, gevonden ter hoogte van de Kleine Haddingestraat 12, nabij het Zuiderdiep in Groningen, collectie Groninger Museum

Veel andere beschrijvingen van kogels of bommen die helemaal tot in de Ebbingestraat terecht kwamen, zijn er niet. Zo maakt Het Wytlopiger Journael verder alleen melding van een ‘bombe’ op 31 juli in de Ebbingestraat, ‘een huis of wat van de Jacobinerstraete’. De Geschiedenis van het Beleg van Groningen spreekt verder nog op 4 augustus van een bom, die een groot gedeelte van een huis verbrijzelt in de Oude Ebbingestraat.

Er zijn dus enkele meldingen over ‘bomben’, grote, soms zeer zware kogels gevuld met onder andere kruit. Het type 24-ponds kogel dat door halve kartouwen wordt afgeschoten, wordt volgens alle verslagen echter alleen op één datum in de Ebbingestraat teruggevonden, en wel op die bewuste woensdag 27 juli.

Als Joosten daadwerkelijk de genoemde landman uit Winsum was, dan is het mogelijk dat hij voedsel kwam brengen of verhandelen in het van vluchtelingen overlopende noordelijke gedeelte van de stad. Misschien wel dezelfde soort waren als zijn dorpsgenoten naar de soldaten in Aduarderzijl hadden gebracht: brood, kaas, of bier. Vanaf zijn woonplaats bleven de aanvoerroutes naar de stad immers gedurende het hele beleg toegankelijk. Mogelijk zag hij de overbevolkte stad zelfs als een gelegenheid om wat extra’s te verdienen. De kans dat hij daarbij de dood zou vinden zoals gebeurde, was in het noordelijke stadsdeel maar klein.

Wie zijn lichaam wegdroeg, of waar hij ligt begraven, is onbekend. Of Joosten ook kinderen had, die zijn dood betreurden, weten we evenmin. Dominee Ducher vertelt in zijn kerkenboek in de daaropvolgende jaren slechts, dat Joostens weduwe Menje in goede gezondheid verkeert, en dat zij op 18 juni 1675 hertrouwt.

Terug naar deel 2

Of lees deze geschiedenis op de site van de Groninger Archieven

Afbeelding bovenaan: halve en hele kartouw, uitsnede van een illustratie uit: korte beschrijvinge, ende afbeeldinge van de generale regelen Der Fortificatie, De Artillerie, Munition, ende Vivres, van de Officieren der selver ende hare Commissien, Van de Leger-Aerde-Wallen, de Approchen met het Tegenweer, ende van Vyerwercken, door Henricvs Hondivs, Nationaal Militair Museum

Bronvermelding:

Kerkeboek 1668-1729, archiefnummer 124, Doop-, trouw- en begraafboeken enz. in de provincie Groningen, inventarisnummer 32, blad 13, kerkelijke gemeente Bellingeweer en Ranum, Groninger Archieven

Doop- en trouwboek 1650-1811, archiefnummer 124, Doop-, trouw- en begraafboeken enz. in de provincie Groningen, inventarisnummer 25, blad 74v, kerkelijke gemeente Baflo en Rasquert, Groninger Archieven

Geschiedenis van het beleg van Groningen in 1672, 1839, Eillert Meeter

Enkele notities over vestingbouw en vestingoorlog in de 16de en 17de eeuw, Robert Gils

Wytlopiger journael, van ’t gepasseerde in en omtrent de stadt Groningen. Geduerende het belech derselver stadt van de bisschoppen van Cöln en Munster, aengevangen den 9. julii ende geeindicht den 21. augusti anno 1672, Rembertus Huysman

Inundatiekaart met de marsroute van de vijand, 1672, Jannes Tideman, Groninger Archieven

Kaart van Groningen in vogelvlucht 1643, Egbert Haubois, Groninger Archieven

1019 Register van resoluties en uitgegane brieven van de gecommitteerden tot de secrete zaken, 1672 jan 18 – 1676 jan 22, Ommelander Archieven, Groninger Archieven

Wikipedia, Tweede Münsterse oorlog

Wikipedia, Aduarderzijl

7547-7548 “Secrete en militaire saken”, geheime resoluties van de gecommitteerden van de Staten van Stad en Lande, 1672 – 1676, Groninger Archieven

397-422 Staten van Stad en Lande, register van uitgaande brieven 1672 jun 29 – 1673 nov 22, Groninger Archieven

De gedenckweerdighste Voorvallen In en omtrent de Belegeringe der Stadt Groningen, Door den Keurvorst van Cölln, en den Bisschop van Munster, Dominicus Lens, 1673

Het ontroerde Nederlandt, door de wapenen des konings van Vrankryk, hoofdstuk: Beschryving van ’t Belegh en verlaten der Stadt Groeningen, Tobias van Domselaer, 1674

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Translate »